Westmoreland

Noodweer houdt me een deel van de nacht wakker. De eerste stevige onweesbui terwijl ik buiten overnacht. Niet echt plezierig, bliksem en donder wisselen elkaar in rap tempo af terwijl de regen naar beneden stort. Mijn tent hoort waterdicht te zijn, is dat, mijn eigen schuld, helaas niet, zodat hozen de enige optie is om het enigzins droog te houden. Dat die tent niet waterdicht is komt omdat ik niet alle haringen en scheerlijntjes meer heb, ben er al een paar kwijt geraakt na de eerste nachten buiten, een waterdichte constructie vereist die echter wel.

‘s Ochtends regent het nog steeds behoorlijk, alles is nat of op z’n minst vochtig, geen kans te drogen, uitwringen, in de rugzak of aantrekken en hopen op beter weer.  

Op weg naar Westermoreland, de nabij gelegen bron “Scott spring” en de oversteekplaats “Rock creek crossing”, bezocht. Westemoreland was een geliefde pleisterplaats vanwege de vele bronnen en het gras. Voor mij is het een plaats om proviand in te slaan en een museum te bezoeken, maar bovenal een gelegenheid koffie te drinken en sigaretten te kopen.

Na een paar koppen koffie ziet de wereld er al weer een stuk beter uit, het is opgehouden te regenen en de zon schijnt ook. Ik wordt langzaam weer warm. Buiten, bij het benzinestation waar ik de koffie heb gekocht, zit ik rustig te drinken, eten en roken, knoop korte gesprekjes aan met voorgangers, scan of er wifi in de buurt is en wacht tot het museum open gaat. Eerst nog boodschappen doen.  

Het museum is open van 1 tot 4pm, meestal komt er niemand, toegang is gratis, donaties zijn welkom, de hele expositie past in een zaal. Het is nog gesloten, ik wacht, na een kwartier komt Lois, een oudere dame, die verrast is dat er bezoek is. Nadat ze hoort dat de oregon trail mijn reisdoel is wijst ze me een boek aan dat ze zelf met veel plezier heeft gelezen en mij ook van harte aanbeveelt. Het is geschreven door Barbara Maat, heet Westward woman en gaat over de California trail die Barbara in 1978 heeft gelopen. Moet ik bij thuiskomst zeker eens lezen.  

Onderweg, tussen rock creek crossing en het plaatsje westmoreland, zag ik een wandelpad met de naam “Little dog lost trail”, Lois maar eens gevraagd, bleek dat een kolonistenfamilie, die bij de crossing kampeerde, hun hondje hadden achtergelaten. Door honger gedreven liep het beestje in de ochtend naar westmoreland, een kleine mijl, bleef daar hopend op wat eten de hele dag rondhangen en liep in de avond terug naar de kampplaats wachtend op z’n baasjes. De kinderen van westmoreland hebben het hondje geadopteerd en er zelfs een boekje over geschreven. Het verhaal wil dat het hondje altijd terugging naar de plaats waar zijn baasjes hem hadden achtergelaten.  

Zoals Cliff Clavin (Cheers) zou zeggen “It’s an other little know fact….”, hier toch even een klein feitje uit deze plaats, de cowboy die in de jaren 60, stoer in de verte starend, Marlboro sigaretten aanbeval, komt uit westermoreland, heeft naam gemaakt als paardenmenner en rodeorijder en is door de tabaksindustrie benaderd om de Marlboro-man te worden. Zijn naam ben ik even kwijt, heb ik wel ergens bewaard  

Op zoek naar wifi, bij het benzinestation had ik al even gescanned en gezien dat het nabij gelegen verzorgingshuis wifi had. Om een goed signaal te krijgen stap ik naar binnen en vraag of ik van hun wifi gebruik mag maken. Ik krijg toegang tot de beveiligde omgeving en skype naar huis. De mensen in verzorgingstehuis zijn vooral bejaard, hulpbehoevend, soms revaliderend, meestal zonder hoop hier ooit weer uit te komen. Ze kijken me aan terwijl ik met Marian praat.

image

Op verzoek geen foto van de directrice maar van een folder

Na een oponthoud van vier uur trek ik verder. Om halfacht is het genoeg, de benen zijn lam, de voeten doen zeer. Tent langs de kant van de weg, water stroomt er nog uit, beetje eten en dan slapen. Wel alle scheerlijnen vastgezet, extra touw is altijd handig en rotsen genoeg hier om als haring te dienen.

This entry was posted in Uncategorized and tagged , , , . Bookmark the permalink.