Granger, vreemdelingen niet welkom

Vandaag naar Granger, een gehucht, ik hoop dat ze wat winkels hebben, zeker ben ik er niet van. Tegen zes uur op, even na zeven onderweg. De coyotes zijn nog wakker, lange tijd wordt ik geobserveerd, korte blaf, langgerekt gehuil. Voor het eerst krijg ik ze redelijk goed te zien.

De trail is goed begaanbaar, af en toe staat er een gebouw midden is het niemandsland, fabrieken, meetapparatuur, opslag. Nog tien mijl tot Granger. Het water is bijna op, een fles rivierwater, gisteren niet gekookt behandel ik met chemische middelen. Het water is veilig maar smaakt naar jodium.

Veel is er niet in Granger, geen winkel, geen benzinepomp, wel een bar. De bar gaat pas om drie uur open, ik moet nog tweeeneenhalfuur wachten. Kan de rust wel gebruiken, schrijf wat stukjes en wacht rustig tot de bar open gaat.

image

Granger, a view from a porche.

Ik heb me geinstalleerd op de porche van de bar, er staan een tafel en wat stoelen, een afdak houdt de zon tegen. Af en toe komt er iemand langs om te zien of de bar open is. Om drie uur nog niet open, het duurt tot bijna kwart voor vier voor de bar open is. Ik heb zin in koffie en wat te eten en ga naar binnen.

De eigenaresse reageert schuw op mijn binnenkomst, wil geen koffie zetten en zegt dat ze de politie heeft gealarmeerd en dat die me zo wel komen ophalen. Verbaast vraag ik naar de reden van deze onwelkome houding. Ze blijkt bang voor me te zijn, was geïntimideerd door mijn aanwezigheid op de porche en heeft in korte tijd veel nare ervaringen met backpackers gehad. Dat laatste wordt bevestigd door een aantal klanten waar ik mee in gesprek was.

Even later arriveren drie politieauto’s, een State Trooper, een County Sheriff en een lokale politieagent. Ze komen tegelijk aan. Het is eigenlijk wel een komische situatie. De mannen van de wet zijn geschikt, ik kan het wel met ze vinden, ze controleren wat papieren, we praten wat over de reis die ik onderneem en na een halfuurtje zijn ze weer vertrokken.

De eigenaresse van de bar is opgelucht als ik vertrek, ondanks het feit dat ik klaarblijk geen crimineel ben zit de schrik er nog goed in. Zin om meer geld te besteden dan absoluut nodig in deze gelegenheid heb ik allang niet meer. De koffie zet ik vanavond wel, de sandwich kan ik wel even zonder. In ieder geval ben ik weer voldoende uitgerust om verder te gaan en zijn de waterflessen gevuld. Dat iemand zo bang kan zijn dat de eerste actie is om de politie te alarmeren in plaats van een gesprek aangaan blijft me de rest van de dag verbazen.

‘s Avonds, acht mijl verder, ergens tussen Granger en Lyman, bivakkeer ik in een drainagebuis, maak een klein vuurtje en zet wat koffie, oploskoffie, maar het smaakt uitstekend.

This entry was posted in Uncategorized and tagged , . Bookmark the permalink.